Column: Beter gezegd

De verkiezingen komen eraan. Of beter gezegd, de verkiezingen voor de gemeenteraad komen eraan. En dus leek het de Ondernemersvereniging Amstelveen een goed idee om samen met de Bibliotheek Amstelland, een verkiezingsdebat te organiseren voor de Amstelveense ondernemers.

En mij leek het een goed idee om daar bij te zijn. Niet alleen omdat ik zo’n Amstelveense ondernemer ben, maar ook omdat ik hooguit een enkele keer in de Stadshart-bieb ben geweest. Ik weet het, ik ben een enorme lectuur-barbaar, maar als online junkie staat de Stadshart-bieb nou eenmaal niet bovenaan mijn need-to-do-when-in-Amstelveen-bucketlist. Het werd een interessant en levendig verkiezingsdebat tussen alle lokale lijsttrekkers. Of beter gezegd, door een enkele afzegging werd het een debat tussen bíjna alle lokale lijsstrekkers.

Een verkiezingsdebat over onderwerpen die ondernemers aangaan. Of beter gezegd, onderwerpen waarvan de lokale politici menen dat die ondernemers aangaan. Laat ik duidelijk zijn, als ondernemer ben ik meer dan tevreden met onze lokale politici. Maar daar waar een ondernemer zijn klanten eerst vraagt wat het beste voor hen is, menen sommige politici van tevoren al te weten wat het beste voor hun klanten is. Een klein nuanceverschil, of wellicht beter gezegd, ieder zo z’n vak.

Tijdens het debat kwamen meerdere onderwerpen aan bod. Van mogelijke vergoeding voor A9-overlast tot aan integratie van statushouders en het betrekken van lokale ondernemers bij gemeentelijk beleid. Het onderwerp wat mij het meeste aansprak, was het mogelijke budget voor onze City Marketing. Of beter gezegd, het ging mij en de meeste mensen in de Stadshart-bieb niet zozeer om het budget zelf, maar meer om wat je met City Marketing wilt bereiken. Een budget kun je afstemmen op je doelen, maar dan moet je er samen wel eerst uitkomen wat je doelen zijn.

Dat je jezelf als stad (zelf spreek ik liever over dorp, maar Village Marketing klinkt niet zo lekker) op de kaart moet blijven zetten, lijkt mij duidelijk. Maar het waarom en waarmee is nog niet helemaal duidelijk. Niet voor mij en ook niet voor de meeste aanwezigen in de Stadshart-bieb dinsdagavond.

Voorheen deden we vooral aan City Marketing om buitenlandse bedrijven te verleiden om zich in The City of Amstelveen te vestigen. Deze veelal Aziatische bedrijven moesten dan voor extra werkgelegenheid zorgen voor ons Amstelveners. En werkgelegenheid, tsja, dat is toch waar het allemaal om draait. Beter gezegd, werkgelegenheid maakt ons allemaal welvarender en gelukkiger, is de motor van onze lokale economie en is dus prioriteit Nummero Uno. Zelf heb ik tien jaar voor zo’n Aziatisch bedrijf gewerkt en aan de andere kant van het werkgelegenheids-spectrum, ben ik ook nog eens een jaartje UWV-klant geweest. Gepokt en gemazeld als ervaringsdeskundige dus en daarom neem ik het onderwerp werkgelegenheid altijd heel serieus.

Maar wellicht moeten we ons toch wat minder blindstaren dat die o zo belangrijke werkgelegenheid, per sé door buitenlandse bedrijven gecreëerd moet worden.

Want als zo’n buitenlands bedrijf zich hier vestigt, hebben we dan wel eens uitgerekend hoeveel nieuwe banen ze daadwerkelijk creëren? En hoeveel van die banen reeds ingevuld zijn door bestaande medewerkers die als expat meeverhuizen met het bedrijf? Beter gezegd, hoeveel van die banen zijn van tevoren al ingevuld en gaan dus aan onze Amstelveense neus voorbij?

En als er straks toch weer zo’n buitenlands bedrijf komt, waar gaan die expats dan eigenlijk wonen? Ook in Amstelveen? Als dat zo is, dan zal het waarschijnlijk bij ons in de Westwijk zijn. Ik deed laatst een telling van het aantal expats bij ons in de straat, maar meer dan de helft(!) van onze buren zijn expat. Allemaal aardige mensen natuurlijk en ik zal weer net in die ene uitzonderlijke straat wonen, maar geloof me, als het jouw straat is ga je er toch iets anders naar kijken. Beter gezegd, wat betekent een verder uitbreidende expatgemeenschap voor de samenstelling van onze wijken?

Ik vraag me ook af waarom we zo afhankelijk zijn van buitenlandse bedrijven om die o zo belangrijke extra werkgelegenheid te creëren. Kunnen we dat misschien ook realiseren door bedrijven uit de eigen regio aan te trekken? Beter gezegd, een bedrijf dat binnen de regio naar Amstelveen verhuist, creëert wellicht ook wel die hoognodige werkgelegenheid. En als hun huidige medewerkers dan gaan forensen en zich hier niet vestigen, zal dat minder druk op onze oververhitte woningmarkt geven. En zal er dus waarschijnlijk ook een meer evenwichtige samenstelling van onze wijken zijn. In ondernemersland noemen wij dat een win-win-situatie.

Ik houd mij verre van politiek hoor, maar als ik gisteravond als politicus op het podium van de Stadshart-bieb had gestaan, had ik de aanwezige ondernemers een vraag voorgelegd;

‘Beste klant, wat heeft u van ons nodig om extra werkgelegenheid binnen uw eigen bedrijf te creëren? Hoe kunnen we in Amstelveen extra werkgelegenheid creëren, door en voor Amstelveense ondernemers en bewoners?’

Beter gezegd, hoe kan een vernieuwde City Marketing een win-win-win-situatie creëren voor de ondernemers, de bestuurders en bovenal voor de bewoners van ons mooie dorp?

Jeroen Franken

foto1

Jeroen Franken (1969) noemt zichzelf een ‘die-hard Amstelvener van de 4e generatie’. Hij groeide op in de Oude Karselaan, doorliep het Amstelhoven en het KKC, is actief bij lokaal maatschappelijke initiatieven en woont samen met Natasha en hun zoon Bobby in de Westwijk.

Met zijn bedrijf Blue Fish helpt hij bedrijven en organisaties bij de inzet van Social Media en is hij actief lid van de Ondernemersvereniging Amstelveen. Bij voorkeur spreekt, traint, schrijft en blogt hij over social media, LinkedIn en ondernemen, maar voor RTVA schrijft hij ook graag over ‘zijn’ Amstelveen.

(follow via @BlueFishConsult & info via DeLinkedinExpert.nl)