Grijs in Amstelveen (3): wonen

Tijdens de Kerst kijkt u naar onze serie ‘Grijs in Amstelveen’. De vergrijzing neemt toe in Amstelveen. De komende 25 jaar groeit de groep 65-plussers met 37% meer dan de groep 20 tot 65-jarigen. Dit betekent dat de grijze druk, de verhouding tussen het aantal ouderen en het aantal werkenden, van 33% tot maar liefst 44,5% gaat stijgen. Wat doet Amstelveen om zich hierop voor te bereiden? Wat moet er nog gebeuren? Drie thema’s staan centraal: eenzaamheid, wonen en dementie. In de laatste aflevering gaan we in gesprek met wethouder van Zorg en Welzijn Marijn van Ballegooijen en lid van de participatieraad sociaal domein Gerard Miltenburg. In deze aflevering: wonen.

De 90-jarige Eldert Eekelschot uit Amstelveen verhuisde zes weken geleden naar Middenhof, een ouderenwoning in een wijkcentrum. Na een beroerte bleken zijn oude huis en omgeving namelijk niet meer geschikt. De verhuizing had een grote impact op meneer Eekelschot. Het uitzoeken en verhuizen van al zijn spullen, het veranderen van omgeving; het was allemaal niet makkelijk.

Vertrouwde contacten werden moeilijker bereikbaar. ,,Eerst liep je gewoon een paar deuren verder, nu moet je met de regiotaxi,” legt meneer Eekelschot uit. In Middenhof kan hij gemakkelijker leeftijdsgenoten ontmoeten, maar nieuwe vrienden maken op je negentigste kan lastig zijn. ,,Er zijn veel activiteiten, maar ik ben er door mijn slechte gezichtsvermogen nog niet aan toegekomen.”

Jacqueline Solleveld van Burgerbelangen Amstelveen wil voorkomen dat mensen als meneer Eekelschot moeten verhuizen. Ze pleit voor levensloopbestendige woningen. Dit zijn woningen waar aanpassingen als brede, drempelvrije deuropeningen al zijn gemaakt, waardoor het huis al meteen geschikt is om op je oude dag in te wonen. Maar, het gaat niet alleen om aanpassingen binnenshuis. ,,Je woning staat in een wijk en die wijk moet wel sociaal toegankelijk blijven. De emotionele waarde is ook belangrijk,” zegt Solleveld.

Gelukkig gaat het steeds beter met meneer Eekelschot. ,,Ik begin me steeds meer thuis te voelen”, zegt hij met een lach op zijn gezicht.